Maria Tenhemelopneming
Het feest van vandaag is al heel oud, al is het dogma pas van 1950. Het is begonnen in Egypte met een feest voor Maria’s overlijden op 16 januari en een feest voor haar opneming ten hemel op 9 augustus. Daarna kwam in de Oosterse kerk een feest op 15 augustus, en aan het eind van de zevende eeuw werd dat overgenomen voor de kerk van Rome. We vieren dus al heel lang de tenhemelopneming van Maria, maar in het Westen was men een paar eeuwen lang niet zo zeker of dat ook voor Maria’s lichaam gold.
Waarom niet? Er staat niets over in de bijbel maar er zijn wel apocriefe geschriften. Alleen zijn die verhalen over het gebeuren nogal fantasierijk en verstandige mensen in de middeleeuwen wilden daarom geen uitspraak over het feit zelf doen. Een voorbeeld van zo’n verhaal vinden we bij Gregorius van Tours (538-594). Hij vertelt dat de apostelen allemaal naar het huis van Maria kwamen om samen met haar te wachten tot ze zou worden opgenomen. ‘En zie, de Heer Jezus kwam met zijn engelen, en haar ziel nemend gaf Hij ze aan de aartsengel Michael en ging heen. ’s Morgens vroeg namen de apostelen haar lichaam tegelijk met het bed op en legden het neer in een graf. Zij bewaakten het en wachtten de komst des Heren af. En zie, wederom stond de Heer bij hen, ontving het lichaam en gelastte het in een wolk naar het paradijs te brengen. Daar verenigde de ziel zich met het lichaam en zo geniet Maria nu van de eeuwige goederen.’
Beda Venerabilis is verontwaardigd dat Gregorius meedoet aan het verspreiden van die onwaarschijnlijke apocriefe verslagen. Je kunt toch niet zomaar alles geloven. Dan zijn er nog twee schrijvers in de achtste eeuw[1] (Augustinus en Hieronymus, dacht men, en dus hadden hun woorden veel gezag) die Maria verheerlijken maar de apocriefe verhalen verwerpen en meteen erbij zeggen: ‘Of Maria met het lichaam ten hemel is opgenomen, weten wij niet. En wij doen goed als wij niet pogen dit geheim te achterhalen, waar God zelf het niet geopenbaard heeft.’
In de twaalfde eeuw komt er verandering, weer door iemand die zich Augustinus noemt. Hij laat alle historische verzinsels voor wat ze zijn en bekijkt de zaak theologisch, zoals Johannes Damascenus vanmorgen in de vigilielezing deed: God kon het lichaam waaruit Hij zelf gevormd was toch niet overgeven aan het bederf? Jezus heeft van Maria zijn lichaam ontvangen, ze heeft Hem negen maanden in haar schoot gedragen, zou Hij dan nu haar lichaam zomaar aan het dodenrijk overlaten? Nee, nu draagt Hij haar naar waar Hij is.
Dat is een overtuigend argument. Je niet laten afleiden door te vragen naar hoe het gebeurd is, maar waarom. Het hoe kunnen we aan God overlaten. Voordat deze Augustinus het formuleerde, denk ik dat een Franse beeldhouwer het al in een kapiteel heeft weergegeven.[2] Niet een Maria op haar sterfbed met de apostelen om zich heen, zoals op de ikonen in de Oosterse kerk. Niet een uitbeelding van een verhaal zoals dat van Gregorius met engelen en wolken en een opstijgende Maria. Maar Jezus’ liefde voor zijn moeder uitgehouwen in steen. Hij tilt haar uit de sarcofaag en draagt haar in zijn armen ten hemel.
Dat is een reden voor feestvreugde. Niet alleen voor Maria maar voor de hele mensheid. We vieren Gods liefde voor zijn schepping. Jezus heeft zelf een lichaam aangenomen. Hij houdt Maria die Hij al verlost heeft, met lichaam en ziel bij zich als ze sterft. Hij zal ook ons bij zich willen houden, met lichaam en ziel, met onze concrete geschiedenis, verlost en verheerlijkt.
Het dogma van de tenhemelopneming wordt afgekondigd in 1950. Een beetje laat misschien, maar er zijn vele redenen om niet te snel met dogma’s te zijn. Maar op dat moment, in 1950, had het uitdrukkelijk iets te zeggen. De Tweede Wereldoorlog was afgelopen, zoveel mensen gesneuveld, vernietigd, alsof een lichaam er niet toe doet, alsof een enkele mens er niet toe doet. En dan zien we Jezus die het dode lichaam opzoekt, om te beginnen Maria maar vervolgens ieder die Hem gezocht heeft. Onze ziel heeft waarschijnlijk wat tijd nodig om verlost en gelouterd te worden, maar dan tilt Hij ook ons lichaam op en brengt ons op onze bestemming. Niets gaat verloren, ook ons lichaam niet, ook de lichamen niet die nu in zoveel oorlogen als niets geacht worden. God heeft er oog voor en houdt van ons met lichaam en ziel.
[1] Ambrosius Autpertus en Paschasius Radbertus
[2] Zie https://basiliquenotredameduport.fr/la-sculpture/ de laatste afbeelding onderaan