Driekoningen
Eergisteren hadden we in de terts een gebed dat me aan Driekoningen deed denken.
‘Houd onze geest zoekend opdat wij U vinden.’
De meeste mensen liggen ’s nachts in bed, maar de drie wijzen uit het Oosten zijn dan te vinden op het dak van hun huis om in het donker de sterrenhemel te bestuderen, en op een nacht zien ze een nieuwe, helder stralende ster aan de hemel. Voor hen een teken om op zoek te gaan. En niet voor hen alleen. ‘Als er licht daagt in duistere harten, zijn dat de stralen van dezelfde ster die de geesten met zijn flonkering heeft beroerd, hen wonderbaar op weg helpt en voorgaat en leidt naar God om Hem te aanbidden,’ zei Leo de Grote vanmorgen in de vigilielezing. Er zijn vele donkere nachten en je kunt proberen je onder de dekens te verstoppen. Óf je kunt naar buiten gaan en naar de sterren kijken, en de flonkering van die ene ster ontdekken, de ster van Christus’ geboorte in het duister van de wereld.
De wijzen zien de ster en ze volgen het licht. Ze gaan op weg naar de pasgeboren Koning, zoekend om Hem te vinden. Het is geen rechtstreekse weg. Eerst komen ze in Jeruzalem en ontmoeten Herodes. Ze dwalen rond in een paleis waar andere waarden gelden. Ze vertellen wat ze gezien hebben, maar het lijkt erop dat niemand naar buiten gaat om ook de ster te zien. De ster heeft geen belang voor de mensen in de stad. Ze hebben andere dingen aan hun hoofd. Voor Herodes heeft de ster wel belang, maar dan als bedreiging van zijn macht. Als er een nieuwe Koning geboren is – een leidsman die herder zal zijn – dan kan Hij maar beter snel onschadelijk gemaakt worden. De drie wijzen laten zich niet in slaap brengen door de lichtjes van de stad, door het negeren van de ster, door de waarden die voor Herodes en de inwoners van Jeruzalem gelden. Ook als ze op dat moment de ster niet zien, dan weten ze toch dat dit niet de plaats is waar ze naar op weg waren. Ze laten zich niet binden door een afspraak met Herodes. Ze horen hem aan maar ze laten zich niet betrekken in zijn plannen. Hun doel ligt veel verder dan de machtspositie van één enkele mens.
‘Schud onze geest wakker als wij bedreigd worden door geestelijke luiheid.
Houd onze geest zoekend opdat wij u vinden.’
Als we vandaag Driekoningen vieren, dan is dat om aan te sluiten bij de wijzen, om de ster te zien en te zoeken naar Christus. Om Hem te vinden en te aanbidden en niet in te slapen onderweg in het bedrieglijke comfort van een aards paleisje waar je door intriges moet proberen overeind te blijven en controle te houden. De wijzen zijn op zoek naar wat veel groter is dan zijzelf, al is dat nu een pasgeboren Kind. En wat doen ze als ze Hem gevonden hebben? Ze aanbidden Hem en bieden geschenken aan. Ze zijn niet gekomen om gunsten te vragen. Hun leven lang zoeken ze naar wat hun overstijgt en zo vinden ze de Messias. En als ze Hem vinden, knielen ze voor Hem neer. Aanbidding en zelfgave is het doel van hun leven. ‘Neem deze gaven aan waarin wij onszelf willen geven.’ Het is het antwoord aan een God die mens wordt, een klein Kind in een stal, om zichzelf aan ons te geven.
‘Laat ons tot de laatste dag geboeid blijven door uw liefde.’
Laten we vandaag knielen met de wijzen en onze geschenken aanbieden, goud, wierook en mirre, misschien te vertalen als ‘ons leven zoals het is, met het werk, de zelfverloochening en de zorgen waarmee geen eer valt te halen.’
Moge de ster ons steeds de weg wijzen, dat we niet blijven steken in het Jeruzalem van eigenbelang en controle, maar vrij op weg gaan naar het Kind dat in het donker van onze wereld geboren wordt, om Hem te aanbidden.